Van alle soorten zondagen die we binnen en buiten de kerk kennen is de eeuwigheidszondag wellicht de minst bekende. Behalve dat de kerk natuurlijk de gangbare kalender volgt houdt de kerk er ook een eigen indeling op na, de zogenaamde kerkelijke kalender. Die begint niet begin januari en eindigt eind december, maar met de bovengenoemde eeuwigheidszondag en begint met advent.

Deze eeuwigheidszondag heeft zijn wortels in een Lutherse traditie. De Pruisische koning Frederik Willem III bepaalde in 1816 dat die dag in zijn gebied een “algemeen christelijk feest ter herinnering aan de overledenen moest zijn.” Over een ding zullen we het op voorhand al wel eens zijn: een echte feestzondag zal het ook dit jaar niet zijn. We staan stil bij hen die het afgelopen jaar zijn overleden, op een respectabele leeftijd of in het prille begin van het bestaan. En toch laat het me niet los: feestdag. Dat staat toch zo haaks op de dood!

Toen ik ooit een cursus “levensverzekeringen” volgde maakte de cursusleider op dag 1 ons dit direct duidelijk: er is veel onduidelijk in het leven maar een ding is zeker, je gaat een keer dood. Dat weten we allemaal. Maar het is de vraag wat je met deze wetenschap doet. Veel mensen schuiven elke dag dat ze mogen leven de dood letterlijk voor zich uit. Anderen maken zichzelf en anderen wijs dat de dood erbij hoort. God leert ons in de bijbel dat de dood er niet bij hoort maar gaat ze ook niet uit de weg.

Wat wij op eeuwigheidszondag mogen doen is de confrontatie aangaan met de dood, door te herdenken, te rouwen en te benoemen. Wat we doen is de dood in de ogen kijken. Niet in doodsangst als een muis die elk ogenblik door een slang wordt verslonden, maar getroost omdat door de dood en opstanding van Jezus Christus de dood niet het laatste woord heeft.

We gaan nog even terug naar Frederik Willem. Nee, feestdag durf ik niet in de mond te nemen. Daarvoor is verdriet en gemis een te grote realiteit. Maar we mogen wel vooruit kijken naar de grote feestdag als tijd veranderd is in eeuwigheid en we altijd bij Hem mogen zijn

Door: Martien van Zijp